Bedrijfsbeheer
Als u in België een eigen zaak wilt opstarten, moet u over de nodige ‘ondernemersvaardigheden’ beschikken. Sinds 1 januari 1999 moet elke kmo (eenmanszaak of vennootschap) die zich als handelaar in België wil vestigen, basiskennis bedrijfsbeheer aantonen. Xerius onderzoekt of aan de voorwaarden met betrekking tot basiskennis bedrijfsbeheer voldaan is, wanneer u uw onderneming inschrijft in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO).
Voor een aantal gereglementeerde beroepen moet u bovendien beroepskennis aantonen. Deze regels heeft de overheid ingevoerd om zoveel mogelijk faillissementen te vermijden. Zowel eenmanszaken als vennootschappen moeten de ondernemersvaardigheden bewijzen en het is van geen belang of u start als zelfstandige in hoofd- of in bijberoep.
In sommige gevallen hoeft u geen ondernemersvaardigheden aan te tonen.
Wie mag de basiskennis bedrijfsbeheer bewijzen?
In een eenmanszaak
- uzelf als ondernemingshoofd
- uw echtgeno(o)t(e)
- uw wettelijk samenwonende partner
- uw partner met wie u minstens sinds zes maanden officieel (feitelijk) samenwoont
- de zelfstandige helper die bloed- of aanverwant van u is tot in de derde graad (ouders, grootouders, broers of zussen, nonkels en tantes en neven en nichten (als het de kinderen zijn van uw broers of zussen)
- een werknemer met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, die het dagelijkse beheer uitoefent.
Binnen een personenvennootschap (bvba, vof, …)
Het orgaan van het dagelijks bestuur: de zaakvoerder.
Binnen een kapitaalvennootschap (nv, cvoa, …)
- het orgaan van het dagelijks bestuur: de gedelegeerd bestuurder of wanneer er geen gedelegeerd bestuurder benoemd is, een van de bestuurders
- een werknemer: de directeur belast met de dagelijkse leiding.
Hoe bewijst u de kennis bedrijfsbeheer?
Met een diploma
Diploma’s van hogeschool of universitair niveau en getuigschriften over de basiskennis bedrijfsbeheer worden in principe altijd aanvaard. Als het diploma niet in België werd behaald, dan kan het zijn dat het eerst gelijkwaardig moet verklaard worden.
Met praktijkervaring opgedaan gedurende de laatste 15 jaar
- drie jaar in hoofdberoep of vijf jaar in bijberoep als zelfstandig ondernemingshoofd of als orgaan van het dagelijkse bestuur van een vennootschap
- vijf jaar als zelfstandig helper
- vijf jaar als bediende in een leidinggevende functie
- vijf jaar als meewerkend echtgenoot
Niet de nodige diploma’s of ervaring?
U kunt de cursus basiskennis bedrijfsbeheer zelf instuderen en het examen afleggen bij de Centrale Examencommissie. Ter voorbereiding op het examen kunt u hier de syllabus Basiskennis bedrijfsbeheer (pdf) raadplegen.
Schrijf u in voor het examen met dit inschrijvingsformulier examencommissie bedrijfsbeheer (pdf).
Alle wettelijke bepalingen over basiskennis bedrijfsbeheer vindt u hier.
