Je vennootschap oprichten: zo begin je eraan

Bij een eenmanszaak stap je meteen naar Xerius voor je ondernemingsnummer. Bij een vennootschap toom je de paarden even in: vóór je bij ons langskomt moet je deze vennootschap eerst oprichten. Xerius vertelt jou wat dat betekent en hoe je dat doet.

Wat is een vennootschap precies?

De website notaris.be omschrijft een vennootschap – uiteraard – in notaristaal. Ze spreekt over “een samenwerkingscontract waarbij elke partij zijn eigen inbreng doet om op die manier samen winst te maken en deze onder elkaar te verdelen”. Begin je een vennootschap met rechtspersoonlijkheid, dan richt je een nieuwe rechtspersoon op met eigen rechten, eigen plichten en een eigen vermogen.





Over welke horden spring je om een vennootschap op te richten?

Stap 1: weet wat je wil

Met wie ga je in zee? Welk startkapitaal heb je nodig? Welke vennootschapsvorm past bij jou? Ziedaar de drie knopen die je eerst moet doorhakken.




Met wie ga je in zee?

Elke vennootschap wordt opgericht door meerdere personen of ondernemingen. Dat geldt ook voor de bv (besloten vennootschap) en de nv (naamloze vennootschap). Al kan je er bij deze vennootschapsvormen voor kiezen om in je eentje je vennootschap op te richten. Vraag ook even bij Xerius na of je ondernemersvaardigheden moet aantonen, en of je activiteit verplichte vergunningen met zich meebrengt.




Hoeveel startkapitaal heb je nodig?

Afhankelijk van je vennootschapsvorm schommelt het bedrag tussen 0 en 61.500 euro. Hoeveel precies, dat lees je op de detailpagina’s van elke vennootschap. Je zet dit eventuele startkapitaal op een speciale rekening vóór de oprichting van je vennootschap.


Kies je een vennootschapsvorm met beperkte aansprakelijkheid voor de vennoten? Dan moet je een financieel plan voorleggen. Wat je daar minstens in moet vermelden is trouwens bij wet vastgelegd.


Je aanvangsvermogen bij de oprichting moet duidelijk toereikend zijn voor de normale uitoefening van je activiteit gedurende ten minste twee jaar. Is dat niet het geval, en gaat je zaak binnen drie jaar op de fles? Dan ben je als oprichter hoofdelijk aansprakelijk voor de verbintenissen van je vennootschap.


Dat maakt een goed en doordacht financieel plan belangrijker dan ooit. Aarzel daarom niet hiervoor een boekhouder te raadplegen.




Welke soorten vennootschappen bestaan er?

Stap 2: kies je boekhouder

Een boekhouder is niet altijd verplicht, maar wel altijd een aanrader. Deze professional is een klankbord voor je project en je plannen, en geeft veel tips over de statuten van je vennootschap.


Werken met een boekhouder doe je vooral – zoals de naam al zegt – voor je boekhouding. Hij stelt een dubbele boekhouding voor je op, waarbij de resultaten, opbrengsten, kosten en verliezen worden weergegeven op een balans. Koos je voor een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid? Dan legt je boekhouder de balans ook neer bij de Nationale Bank van België.




Stap 3: stel een financieel plan op

Deze klus is enkel verplicht voor vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid (bv, nv, cv). Toch is het voor elke startende ondernemer een goed idee. Je weet immers waar je financieel staat en heengaat, als een gps voor je budget. Bij het opmaken van je financieel plan steekt je boekhouder graag een handje toe.


Bij vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid stap je met het resultaat naar de notaris. Hij beoordeelt je financieel plan niet, maar bewaart het. De inhoud van het financieel plan wordt wettelijk vastgesteld.

Gaat je vennootschap binnen de eerste drie jaren op de fles?


Dan haalt de notaris je plan uit de kast. Blijkt bij nazicht dat je niet voldoende middelen had voorzien, dan kan de oprichtersaansprakelijkheid spelen. Je beperkte aansprakelijkheid als oprichter wordt dan opgeheven, en je staat in voor alle schulden van de vennootschap.


We adviseren daarom om je financieel altijd samen met een boekhouder of accountant op te stellen. Op die manier ben je zeker dat een cijferspecialist jouw plan aan de realiteit getoetst heeft.

Stap 4: richt je vennootschap op

Stel de statuten op

Met andere woorden: definieer de spelregels van de vennootschap. Bij vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid (bv, cv, nv) is dat een klus voor de notaris. Bij onbeperkte aansprakelijkheid (vof, comm.v. en maatschap) mag je dit varkentje zelf wassen.


Een aantal bepalingen moet verplicht in je statuten staan. Uiteraard kan je ook eigen regels toevoegen, voor zover ze niet indruisen tegen de wet.


Je statuten vermelden onder meer:

  • het doel van je vennootschap, met daarin de activiteiten die de vennootschap mag uitoefenen;
  • de oprichters en hun inbreng;
  • het kapitaal van de vennootschap;
  • de organisatie van het bestuur;
  • wanneer de jaarlijkse algemene vergadering van de aandeelhouders moet plaatsvinden;
  • wanneer het boekjaar begint en eindigt.


Ga langs bij de notaris

In het kantoor van de notaris wordt je vennootschap geboren. Daar hou je de eerste vergadering met de oprichters en benoem je minstens één bestuurder. Meestal is dat een van de oprichters. Ontkurk gerust een fles champagne op het succes.


De notaris trekt vervolgens naar de Rechtbank van Koophandel. Op de griffie legt hij het verslag van de vergadering neer plus een uittreksel uit de statuten. Vanaf dat moment “bestaat” je vennootschap.


De oprichtingstekst verschijnt in het Belgisch Staatsblad. Zo wordt je onderneming openbaar gemaakt aan alle Belgen. Op dat moment maakt de griffie voor je vennootschap een ondernemingsnummer aan in de Kruispuntbank van Ondernemingen.


Ziezo, de eerste horde is genomen.

Je vennootschap is opgericht. Ze bestaat. Je hebt een koetswerk en een motor. Nu moet je de sleutel nog in het stopcontact stoppen en de motor starten. Dat doe je door je vennootschap via Xerius in te schrijven in de KBO en aan te sluiten bij ons sociaal verzekeringsfonds.




Misschien vraag je je dit nog af?

  • Kies ik voor beperkte of onbeperkte aansprakelijkheid?

    Zijn er veel risico’s verbonden aan je activiteiten? Moet je bijvoorbeeld veel investeren, werk je met grote voorraden of waag je je op het gladde ijs van een nieuwe technologie? Dan kan het een optie zijn om te kiezen voor een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, zoals bv, nv of cv. Bij een bv en cv heb je geen minimumkapitaal nodig,  je moet wel over voldoende aanvangsvermogen  beschikken. Bij een nv  heb je wel een minimumkapitaal nodig. Maakt de zaak schulden, dan blijft je privévermogen altijd buiten schot.


    Stel: je vennoot koopt een nieuwe auto voor het bedrijf, maar de zaak betaalt de factuur niet. Bij een vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid (vof, comm.v. en maatschap) kan de autohandelaar zijn geld opeisen via het privé-vermogen van je vennoot – of zelfs van jou! 

  • Welke hervormingen komen eraan in het vennootschapsrecht?

    Met het nieuwe “wetboek voor vennootschappen en verenigingen” zijn er heel wat aanpassingen in de wetgeving. Het is nuttig om daar even bij stil te staan. Zo kan je de knoop doorhakken: ga je voor een eenmanszaak of – met al de wijzigingen in het achterhoofd – toch meteen voor een vennootschap?

     

    Wil je weten wat er juist veranderd is? Neem dan een kijkje op deze pagina.