Zelfstandige versus werknemer
Bij de opstart van een eigen zaak is het belangrijk om even stil te staan bij het onderscheid tussen het statuut van een zelfstandige en dat van een werknemer. Hieronder leest u de belangrijkste verschillen.
| Zelfstandige | Werknemer | |
|---|---|---|
| Risico’s en vrijheid | Een zelfstandige werkt autonoom en geniet een grote dosis vrijheid. U bepaalt zelf uw activiteiten en werkuren. Maar u draagt ook alle risico’s zelf. | Een werknemer oefent zijn beroep uit in het kader van een arbeidsovereenkomst, in naam en voor rekening van een werkgever. Hij werkt volgens de uren die zijn bepaald in de overeenkomst en draagt zelf geen risico’s. |
| Kosten en lasten | Als zelfstandige moet u uw kosten en lasten zelf dragen. U bent ook zelf verantwoordelijk voor de voorafbetaling van uw belastingen. Daar staat tegenover dat u wel al uw beroepskosten kan aftrekken. De aankoop van een auto, de huur van een bureauruimte, een computer, de betaalde sociale bijdragen,… kunt u inbrengen als beroepskost. De zelfstandige betaalt sociale bijdragen en belastingen op zijn netto-inkomsten, dus op het inkomen na aftrek van zijn kosten. | Het is vooral de werkgever die de kosten en lasten draagt. Uw werkgever zorgt ook voor de voorafbetaling van uw belastingen, zodat u als werknemer enkel uw netto-loon gestort krijgt. Daardoor merkt u minder van wat u afstaat aan de overheid.Een werknemer kan in principe geen kosten aftrekken. |
| Sociale bijdragen | Als zelfstandige moet u aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds en bent u zelf verantwoordelijk voor de betaling van uw sociale bijdragen (22% van uw netto beroepsinkomstenen) en dus voor de opbouw van uw sociale zekerheidsrechten. | Als werknemer wordt uw sociaal statuut voor u geregeld. Elke maand houdt uw werkgever op uw loon de persoonlijke socialezekerheidsbijdragen in (13,07% van uw brutoloon) en stort deze door aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ). Daarnaast betaalt hij zelf ook nog patronale socialezekerheids-bijdragen op uw loon (ongeveer 35%). |
| Kinderbijslag | Voor een eerste kind ontvangt een zelfstandige 81,15 euro. Een zelfstandige ontvangt geen leeftijdsbijslag voor jongste of enige kind. Vanaf het tweede kind is de kinderbijslag voor zelfstandigen en werknemers hetzelfde. | Voor een werknemer bedraagt de kinderbijslag van eerste kind 86,77 euro. Een werknemer krijgt wel leeftijdsbijslag het eerste kind. |
| Moederschapsrust | Als zelfstandige hebt u maximaal 8 weken moederschapsrust (9 weken bij de geboorte van een meerling). Dat is korter dan de moederschapsrust van een werkneemster. U ontvangt via het ziekenfonds een uitkering van 390,88 euro per week. Als zelfstandige krijgt u wel 105 gratis dienstencheques voor bijvoorbeeld poetshulp. | Een werkneemster krijgt bij de geboorte van haar kind 15 weken moederschapsrust en ontvangt de eerste maand na de bevalling 82% van het brutoloon en de tweede maand 75% van een begrensd loon. |
| Pensioen | Het pensioen van een zelfstandige wordt op dezelfde manier berekend als dat van een werknemer: op basis van de betaalde sociale bijdragen en het aantal loopbaanjaren. Als zelfstandige betaalt u in principe minder sociale bijdragen, dus zal uw pensioen meestal ook lager zijn dan dat van een werknemer. U kunt wel, naast het gewone pensioensparen, een fiscaal interessante pensioenspaar-verzekering afsluiten, een Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen. |
Omdat een werknemer meer sociale bijdragen betaalt, ontvangt hij meestal ook meer pensioen dan een zelfstandige. |
| Ziekte of ongeval | Bij ziekte of ongeval krijgt een zelfstandige de eerste maand geen uitkering. Vanaf de tweede maand arbeids-ongeschiktheid ontvangt u een forfaitaire dagvergoeding van 31,45 tot 50,40 euro (afhankelijk van de gezinssituatie). Voor een zelfstandige bestaat er geen ongevallenverzekering. U kunt uw inkomen tijdens de periode van arbeidsongeschiktheid wel verzekeren door een aanvullende verzekering Gewaarborgd Inkomen af te sluiten. | Als werknemer krijgt u vanaf de eerste dag dat u werkonbekwaam bent door ziekte of ongeval een gewaarborgd inkomen van uw werkgever. Vanaf dag 31 krijgt u van uw ziekenfonds een uitkering gelijk aan 60% van een begrensd maandloon. Bij een arbeidsongeval of een beroepsziekte krijgt u als werknemer een uitkering via de arbeidsongevallenverzekering van uw werkgever of van het Fonds voor Beroepsziekten. |
| Werkloosheid en vakantie | Werkloosheidsuitkering of betaalde vakantiedagen bestaan niet voor een zelfstandige. Zelfstandigen kunnen bij faillissement wel beroep doen op een faillissements-verzekering. Als u failliet gaat, kunt u maximum 12 maanden een faillisementsuitkering ontvangen. |
Een werknemer heeft wel betaalde vakantie. Hij kan ook rekenen op een werkloosheidsuitkering indien nodig. |
