7 op de 10 ondernemers vinden dat ze te weinig terugkrijgen voor hun belastingen

Onderzoek van Xerius en UHasselt: ondernemers voelen zich benadeeld

Antwerpen, 15 juli 2026 – Vlaamse ondernemers zijn kritisch over het belastingsysteem. Uit een studie bij 970 Vlaamse ondernemers van UHasselt en sociaal verzekeringsfonds Xerius blijkt dat vooral de fiscale ruilverhouding onder druk staat. Veel ondernemers hebben het gevoel dat ze veel bijdragen en daar weinig voor terugkrijgen.  Bovendien vinden ze dat ze op dit vlak slechter af zijn dan anderen,  zowel voor de sociale bijdragen als voor de belastingen. Dat gevoel van onrechtvaardigheid heeft gevolgen: wie het belastingsysteem als eerlijker ervaart, blijkt minder geneigd om binnen het wettelijke kader naar mogelijkheden te zoeken om de belastingen te beperken.

De fiscale ruilverhouding is uitgesproken negatief voor ondernemers

Ondernemers vinden dat ze onvoldoende overheidsdiensten terugkrijgen voor de belastingen en sociale bijdragen die ze betalen. Maar liefst 71% heeft het gevoel dat ze minder terugkrijgen dan de gemiddelde belastingbetaler.

De balans tussen sociale en fiscale bijdragen en ontvangen diensten zit voor hen scheef. Ook schatten ondernemers hun ruilverhouding slechter in dan die van een gemiddelde belastingbetaler. Dit is belangrijk voor hun gevoel van rechtvaardigheid. Waar de helft van de ondernemers vindt dat de ruilverhouding voor een gemiddelde belastingbetaler nog wel in evenwicht is (schaalscore 3,5 op 7), geven ze deze balans voor hun persoonlijke situatie slechts een 2 op 7.  

UHasselt, initiatiefnemer van de studie, legt uit bij monde van Prof. dr. Maarten Corten, Hoofddocent - Associate professor Auditing & Accounting: “Ons onderzoek toont aan dat ondernemers die het systeem beter begrijpen, de ruilverhouding als positiever ervaren. De overheid kan dus een verschil maken door in te zetten op drie V’s: vereenvoudigen, verduidelijken en verklaren. Dit betekent onder meer duidelijke richtlijnen over hoe fiscale regels in de praktijk toe te passen en meer uitleg over waarom bepaalde regels, uitzonderingen of overgangsmaatregelen bestaan.”

Drs. Wim Daems, die momenteel zijn doctoraatsonderzoek voert rond dit thema, vult aan: “Een belangrijke uitdaging ligt niet alleen in hoeveel belastingen ondernemers betalen, maar ook in hoe zij de waarde van overheidsdiensten ervaren. Hier ligt een extra kans voor de overheid om drempels weg te werken en bereikbaar te blijven om ondernemers te ondersteunen met meer begeleiding en informatie. Dit creëert een positieve feedbackloop: ondernemers die beter geïnformeerd zijn, zien het systeem als rechtvaardiger en zullen minder zoeken naar extra optimalisaties. Dat leidt tot minder problemen bij controles, wat op zijn beurt zorgt voor minder frustratie en een hoger rechtvaardigheidsgevoel.”

Youssef Deconinck, woordvoerder van sociaal verzekeringsfonds Xerius, duidt de resultaten: "Zelfstandigen zien elk kwartaal heel concreet hoeveel ze rechtstreeks bijdragen via belastingen en sociale bijdragen. Tegelijk maken ze relatief weinig gebruik van bepaalde sociale bescherming, zoals een vervangingsinkomen bij ziekte, en moeten ze zich voor veel risico’s zelf verzekeren. Dat kan het gevoel versterken dat de balans tussen hun bijdragen en wat ze ervoor terugkrijgen niet in evenwicht is. En dat net terwijl de overheid de laatste jaren de sociale bescherming van zelfstandigen meer en meer gelijk trekt met het niveau van werknemers."

Inschatting eigen belastingkennis speelt rol 

Hoe hoger respondenten hun belastingkennis inschatten, hoe rechtvaardiger ze het belastingsysteem vinden. Op een schaal van één tot zeven schat een kwart van de respondenten de eigen kennis lager in dan 3,46, terwijl nog eens een kwart (25%) deze hoger inschat dan 5,24. De 10% die de eigen kennis het laagst inschat, geeft zichzelf een score van 2,46 of lager. Aan de andere kant schat 10% de eigen kennis in op een score van 6 op 7 of hoger.

Zestigplussers vinden belastingen globaal genomen rechtvaardiger. Ze vinden de ruilverhouding beter en zijn minder ontevreden over hun ruilverhouding tegenover andere belastingbetalers. Ook zijn ze het er vaker mee eens dat meerverdieners meer belasting zouden moeten betalen.  
De jonge groep (-40) ondernemers is juist kritischer over hoe de fiscus belastingbetalers behandelt. Zij rapporteren een lagere belastingkennis en praten in hun netwerken vaker over belastingen.

Prof. dr. Maarten Corten, Hoofddocent - Associate professor Auditing & Accounting, UHasselt: "Oudere ondernemers ervaren het belastingsysteem gemiddeld als rechtvaardiger en zijn daardoor ook meer bereid om belastingen te betalen. We zien ook een verband met belastingkennis: hoe beter ondernemers het belastingsysteem begrijpen, hoe rechtvaardiger ze het doorgaans ervaren. Jongere ondernemers kijken kritischer naar het systeem en zoeken vaker naar wettelijke mogelijkheden binnen het fiscale systeem om hun belastingdruk te beperken."

Relatie met bedrijfsresultaten 

De link tussen bedrijfsresultaten en belastingpercepties blijkt genuanceerd. Ondernemers met sterkere prestaties, een hogere winstgevendheid of een betere cashpositie beoordelen het belastingsysteem niet noodzakelijk als rechtvaardiger. Integendeel, zij hebben vaker het gevoel dat ze veel belastingen betalen en zijn kritischer over de progressiviteit van het systeem. Tegelijk tonen zij meer fiscale kennis, maken ze vaker gebruik van fiscale optimalisatiemogelijkheden en ervaren ze minder stress rond controles.

Dit wijst erop dat sterke bedrijfsresultaten niet automatisch leiden tot positievere belastingpercepties. Financieel sterkere ondernemingen lijken zich eerder zelfbewuster en strategischer ten opzichte van belastingen op te stellen: zij voelen de belastingdruk sterker aan, maar ervaren tegelijk meer controle over hun fiscale situatie.

Ook bij grotere ondernemingen zien we een vergelijkbaar patroon. Ondanks hun sterkere economische positie beoordelen zij de ruilverhouding met de overheid minder gunstig en ervaren zij het systeem als minder rechtvaardig. Bedrijfsomvang en financiële slagkracht lijken dus niet samen te gaan met een positievere beleving van het belastingsysteem, maar eerder met een kritischere en beter geïnformeerde houding.

“Kleine ondernemers beoordelen de ruilverhouding met de overheid niet systematisch anders, maar schatten hun fiscale kennis doorgaans lager in,” besluit drs. Wim Daems - doctoraatsonderzoeker UHasselt.

Over het onderzoek

Het onderzoek naar belastingen bij Vlaamse ondernemers gebeurde via een online bevraging tussen 7 april en 18 mei 2026: in totaal vulden 970 Vlaamse ondernemers de vragenlijst volledig in. Het invullen van de vragenlijst nam gemiddeld 27 minuten in beslag.

Hoewel een survey-onderzoek altijd onderhevig is aan selectievertekening, liggen deze statistieken in lijn met de verdeling binnen de populatie van zelfstandige ondernemers in Vlaanderen, wat erop wijst dat de steekproef als representatief kan worden beschouwd, met een lichte ondervertegenwoordiging voor vrouwelijke ondernemers (22% is man,  76% is vrouw  en 2% geeft geen of een andere genderidentiteit aan). De gemiddelde leeftijd van de respondenten bedraagt 50 jaar, met een spreiding van 23 tot 83 jaar. Ongeveer 10% is jonger dan 34 jaar en 10% is ouder dan 65 jaar. Dit is in lijn met Statbel-gegevens. Wat de gezinssituatie betreft, is 22% alleenstaand, terwijl 78% een partner heeft. 66% is gehuwd of wettelijk samenwonend en 11% feitelijk samenwonend. 

De meerderheid van de respondenten is actief als ondernemer in hoofdberoep (82%). In de steekproef is het aantal zelfstandigen in hoofdberoep oververtegenwoordigd tegenover de  62% in de populatie (Statbel 2024). Ongeveer een derde van de ondernemingen (31%) betreft een eenmanszaak, terwijl 69% georganiseerd is als vennootschap. Binnen deze laatste groep is de besloten vennootschap (BV) het meest voorkomend (77%) dit is een lichte oververtegenwoordiging tegenover de 70% bij (Statbel 2024), gevolgd door commanditaire vennootschappen (13%), naamloze vennootschappen (5,5%), vennootschappen onder firma (2,7%) en andere rechtsvormen (1,5%).

De gemiddelde leeftijd van de ondernemingen bedraagt 16 jaar, met een mediaan van 12 jaar. Een kwart van de bedrijven is jonger dan 6 jaar, terwijl een kwart al meer dan 22 jaar actief is. Drie vierde van de ondernemingen bestaat 5 jaar of langer.

Qua ondersteuning werkt 89% van de respondenten met een externe accountant. Minder dan 1% heeft uitsluitend een interne accountant, en 3% maakt gebruik van een combinatie van interne en externe ondersteuning. Ongeveer 10% van de ondernemers doet geen beroep op een accountant.

Over Xerius 

Xerius ondersteunt de opstart, wijziging en stopzetting van een onderneming. Dit betekent dat ze onder meer de administratieve stappen voor startende zelfstandigen in orde brengen. Xerius berekent ook de sociale bijdragen in opdracht van de overheid en adviseert hen over hun plichten en rechten. Vanuit 12 kantoren neemt Xerius deze taak ter harte, voor meer dan 238.000 zelfstandigen en 140.000 vennootschappen.
De stap naar zelfstandige worden is kleiner dan je denkt - Xerius

Over UHasselt Research Center for Entrepreneurship and Family Firms

Het Research Center for Entrepreneurship and Family Firms (RCEF) aan de Universiteit Hasselt is een interdisciplinair onderzoekscentrum dat zich richt op ondernemerschap en familiebedrijven. Het centrum streeft ernaar maatschappelijke waarde te creëren door middel van relevant en rigoureus academisch onderzoek, onderwijs en hoogwaardige dienstverlening aan bedrijven en organisaties. 
https://www.uhasselt.be/rcef 
maarten.corten@uhasselt.be 

Voor meer informatie (niet voor publicatie, enkel voor de pers): 

Wavemakers PR – Emanuel Sys, emanuel@wavemakers.eu, 0486 17 52 65