yannick-bollati-48-nl.jpg Afbeelding tooltip: Yannick Bollatti Managing director Aangesloten sinds 2003
yannick-bollati-48-nl.jpg Afbeelding tooltip: Yannick Bollatti Managing director Aangesloten sinds 2003

Pensioenhervorming 2025–2027: wat betekent dit voor jou als zelfstandige?

De regels rond pensioen veranderen. En dat voel je als zelfstandige.
De overheid wil het systeem eenvoudiger en eerlijker maken. Tegelijk worden de voorwaarden strenger. Vooral wie vervroegd wil stoppen, kijkt best goed naar de nieuwe regels.

We zetten helder op een rij wat er verandert en wat de pensioenhervorming in België voor jou als zelfstandige betekent.

Waarom verandert het pensioen?

De federale regering wil drie dingen bereiken:

  • pensioenen betaalbaar houden 
  • langer werken aantrekkelijker maken 
  • vervroegd pensioen mogelijk houden, maar duidelijker afbakenen

Resultaat: meer focus op effectief werken, minder op gelijkgestelde periodes 

Wanneer kan je met pensioen? 

Dat hangt af van je leeftijd én van hoe lang en hoe actief je gewerkt hebt.

A. De wettelijke pensioenleeftijd

Vandaag ga je met pensioen op 66 jaar. Vanaf 2030 wordt dat 67 jaar.

Je pensioenleeftijd hangt samen met je geboortejaar:

  • geboren vóór 1964 → pensioen op 66 jaar 
  • geboren vanaf 1964 → pensioen op 67 jaar

B. Vervroegd pensioen: kan dat nog?

Ja. Maar de lat ligt hoger.

1. Klassieke route

Je kan nog altijd vroeger stoppen als je voldoende loopbaanjaren hebt:

  • 60 jaar  44 loopbaanjaren
  • 61 – 62 jaar → 43 loopbaanjaren 
  • Vanaf 63 jaar → 42 loopbaanjaren

Deze gelijkgestelde periodes blijven meetellen: ziekte, moederschapsrust, ouderschapsverlof, mantelzorg, werkloosheid en militaire dienst.

2. Lange loopbaan (vanaf 60 jaar)

Wil je vanaf je 60e stoppen? Dan moet je vanaf 2027:

  • 44 loopbaanjaren kunnen aantonen (minstens 156 effectief gewerkte of gelijkgestelde dagen per jaar of 2 kwartalen als zelfstandige) zoals nu al het geval is, of
  • 42 loopbaanjaren hebben én elk jaar voldoende gewerkt hebben: dit wil zeggen dat je als zelfstandige 3 kwartalen sociale bijdragen betaald moet hebben die overeenkomen met deze van een zelfstandige in hoofdberoep. Als werknemer moet je een driekwart tewerkstelling aantonen op basis van 234 effectief gewerkte dagen. Moederschapsrust in ruime zin, tijdelijke werkloosheid en de militaire dienstplicht worden hierbij meegeteld als effectief gewerkte dagen. 
    Dit wordt voor veel zelfstandigen moeilijker haalbaar.

Nieuwe realiteit

Niet alleen hoe lang je werkt telt.
Ook hoe intensief je werkt speelt mee.

Overgangsmaatregelen

Ben je geboren voor 1966 (61 jaar of ouder in 2026)? Dan kan je maximum 1 jaar later met pensioen gaan dan voor de hervorming.

Ben je geboren in 1966 (60 jaar in 2026)? Dan schuift je pensioen maximum 2 jaar op.

Voldoe je nu al aan de voorwaarden om vervroegd met pensioen te gaan, maar stel je je pensioen uit? Dan heeft deze wijziging geen invloed op je pensioendatum.

Voorbeeld: geen impact op je pensioen

Je kan op 1 juli 2028 vervroegd met pensioen. Je bent dan 63 jaar en hebt 42 loopbaanjaren. Tijdens de eerste 20 jaar van je loopbaan werk je 4/5e als werknemer. Daarna start je als zelfstandige.
Je betaalt altijd sociale bijdragen in hoofdberoep, behalve in 2020. Toen kreeg je voor twee kwartalen een vrijstelling.

De nieuwe pensioenwetgeving heeft voor jou geen impact. De bestaande voorwaarde blijft behouden: op 63 jaar met 42 loopbaanjaren met pensioen. Elk van je loopbaanjaren telt mee, omdat ze minstens 156 gewerkte of gelijkgestelde dagen bevatten. Ook 2020 telt mee, ondanks je vrijstelling. Ook een pensioenmalus speelt hier niet. Je voldoet aan de werkvoorwaarden.

Wat bepaalt hoeveel pensioen je krijgt?

Dat hangt niet alleen af van je loopbaan, maar ook van hoe actief je werkte.

Wat telt nog als een loopbaanjaar? 

Vanaf 2027 veranderen de spelregels.

Als zelfstandige telt een jaar alleen mee als je minstens 2 kwartalen sociale bijdragen betaalt in hoofdberoep of daarmee gelijkgesteld bent.

Dat lijkt logisch, maar heeft impact. Jaren met beperkte activiteit tellen immers minder snel mee voor je pensioen. En werk je minder? Dan bouw je ook minder pensioenrechten op. 

Wanneer telt een loopbaanjaar als werknemer mee?

Voor werknemers telt een jaar pas mee als je minstens 156 effectief gewerkte of gelijkgestelde dagen hebt. Onbetaald verlof telt bijvoorbeeld niet mee.
Voor deze berekening telt men 6 werkdagen per week. Enkel zondag telt niet mee. Zo kom je uit op 312 mogelijke werkdagen per jaar. 156 dagen komen dus overeen met een halftijdse tewerkstelling.

Uitzondering is je eerste loopbaanjaar waar 104 dagen voldoende zijn, wat overeenkomt met 4 maanden voltijds werken.

Daarnaast krijg je als werknemer reservedagen. Dat zijn vijf dagen die je kan inzetten over heel je loopbaan om gaten op te vullen. Let wel: enkel om aan de voorwaarde van 156 dagen te komen, niet om in je eerste loopbaanjaar de 104 dagen te vervolledigen.

Voorbeeld – de 156-dagenregel: je moet langer werken

Je bent geboren in 1964 en wil in 2027, op je 63ste, vervroegd met pensioen.
In de huidige regeling kan dat, want op 1 juli 2027 heb je 42 loopbaanjaren.

Maar de hervorming verandert hoe loopbaanjaren meetellen. Vanaf 2027 moet elk loopbaanjaar minstens 156 gewerkte of gelijkgestelde dagen bevatten.

In jouw situatie:

  • Je werkte 40 jaren met minstens 156 dagen per jaar; 
  • 2 jaren tellen slechts 104 dagen;
  • Het gaat niet om je eerste werkjaar, dus tellen ze onder de nieuwe regels niet meer mee als loopbaanjaar.

Daardoor voldoe je pas opnieuw aan de volledige loopbaanvoorwaarde in 2029, wanneer je 65 bent.
Dat is twee jaar later dan gepland.

Gelukkig is er een overgangsmaatregel. Ben je geboren vóór 1966? Dan mag je vervroegde pensioenleeftijd maximaal één jaar opschuiven.

In jouw geval betekent dat:

  • Volgens de nieuwe regels kan je pas in 2029 stoppen;
  • Dankzij de overgangsmaatregel schuift je pensioen maar één jaar op;
  • Je kan dus in 2028, op 64 jaar, vervroegd met pensioen.

Nieuw vanaf 2027: hoeveel moet je effectief gewerkt hebben?

Om zonder pensioenverlies te stoppen:

  • minstens 35 loopbaanjaren
  • met telkens minstens 156 effectief gewerkte dagen of 2 kwartalen als zelfstandige, 
  • en in totaal 7.020 gewerkte dagen als werknemer of 90 kwartalen als zelfstandige.

Kortom: onregelmatige carrières wegen zwaarder door.

Wat telt mee als gewerkte dagen… en wat minder?

Deze gelijkgestelde periodes blijven meetellen:

  • ziekte 
  • moederschapsrust 
  • ouderschapsverlof 
  • mantelzorg 
  • tijdelijke werkloosheid
  • militaire dienst

Wordt strenger beoordeeld

  • langdurige werkloosheid 
  • SWT/brugpensioen

De focus verschuift duidelijk naar effectief werken.

Welke gevolgen heeft vroeger stoppen?

Gedurende 2026 en 2027 komt er een duidelijk systeem wanneer je vroeger of later dan je pensioendatum je pensioen opneemt: bonus-malus.

Bonus

Werk je vanaf 2026 verder na je officiële pensioendatum? En voldoe je daarbij aan de werkvoorwaarden? Dan stijgt je pensioen structureel, geen eenmalige premie. Langer werken loont dus echt.

Malus

Stop je vanaf 2027 vroeger? En voldoe je niet aan de werkvoorwaarden (de 35 loopbaanjaren van hierboven)? Dan daalt je pensioen met 2% tot 5% per jaar. Hoeveel je pensioen daalt hangt af van je geboortejaar.

Deze malus is definitief. Je kan deze vermijden of verminderen door je vervroegd pensioen uit te stellen en verder te werken tot je aan de voorwaarden voldoet.

Voorbeeld – pensioenmalus: je pensioen daalt

Je bent zelfstandige in bijberoep en beslist om vier jaar vóór je wettelijke pensioenleeftijd te stoppen.
Op basis van je loopbaan heb je recht op een brutopensioen van 1.800 euro per maand.

Je werkte 36 jaar als werknemer. In elk van die jaren bouwde je minstens 156 effectief gewerkte of gelijkgestelde dagen op. Toch kom je in totaal maar aan 6.800 effectief gewerkte dagen. Je hebt er 7.020 nodig om aan alle voorwaarden te voldoen. Door een lange periode van werkloosheid mis je een deel van de vereiste werkvoorwaarde. Daardoor voldoe je maar aan één van de twee voorwaarden.

Ga je vervroegd met pensioen? Dan geldt in dit geval een pensioenmalus. Volgens de hervorming bedraagt die 5% per jaar dat je vroeger stopt (geboortejaar 1975).
Omdat je vier jaar vroeger met pensioen gaat, vermindert je pensioen met 20%. Je nieuwe bruto pensioen is 1.440 euro. Dit bedrag is definitief.

Het minimumpensioen: niet voor iedereen vanzelfsprekend

Vandaag ligt het minimumpensioen rond 1.845 euro bruto per maand voor een volledige loopbaan. Dat blijft zo.

Maar:

  • de toegang wordt strenger 
  • effectieve activiteit wordt belangrijker

Niet elke loopbaan komt nog automatisch in aanmerking. De focus komt meer op effectieve tewerkstellingsperiodes dan op gelijkgestelde periodes.

Concreet: wat betekent dit voor jou?

De impact hangt af van je situatie.

Je zit goed als:

  • je een stabiele, lange loopbaan hebt 
  • je voldoende actief blijft als zelfstandige

Je moet opletten als:

  • je wisselende activiteit hebt 
  • je periodes hebt met beperkte bijdragen 
  • je vroeg wil stoppen

Dus: werk je stabiel en lang? Dan verandert er weinig.
Werk je onregelmatig of wil je vroeg stoppen? Dan wordt het moeilijker en loont het om je pensioen vandaag al actief te bekijken.

Twijfel je over jouw situatie? Je bent niet alleen.

De regels worden complexer. Maar jouw traject hoeft dat niet te zijn.

Bij Xerius kijken we samen met jou:

  • hoeveel pensioen je opbouwt 
  • welke keuzes je vandaag kan maken 
  • hoe je later zonder zorgen stopt